Interview met  Annemieke van Weeghel, sinds vorig jaar directeur van cbs ‘De Regenboog’ in  Kortenhoef. Zij vindt dat in het werken met kinderen in de praktijk niets is veranderd na 1 augustus. Wel heeft de school te maken gehad met een leerling die naar elders verhuisde; het samenwerkingsverband daar moest bekijken waar het kind met zijn onderwijsbehoefte geplaatst kon worden. Dan merk je dat aan het grensverkeer tussen de samenwerkingsverbanden nog wat moet gebeuren om de zorgplicht goed te laten verlopen.

Veranderingen op school door Passend Onderwijs???

AnnemiekeAnnemieke maakt sinds kort deel uit van de Loketgroep MDO. Ze wil vooral dat de verbinding met de praktijk wordt gelegd. Belang van de werkgroep is om contact te houden met de praktijk, niet te veel in een kantoortje te zitten om alles te bedenken maar kijken hoe het gaat op de werkvloer.

We moeten op school basisondersteuning bieden. In de komende jaren moeten we dat nog verbeteren met alle leerkrachten. Wij hebben ervoor gekozen om ons nog niet te specialiseren en het heeft ook met het dorp te maken dat we breed willen blijven.
Niet alles van tevoren willen bedenken, maar ingaan op een hulpvraag van een kind dat aangemeld wordt.

Annemieke heeft al enkele jaren ervaring met het MDO. Het is vooral een cultuuromslag in hoe we hier op school praten over kinderen, en met ouders. We moeten heel goed kijken wat een kind nodig heeft om doelen te halen.
Die positieve inzet ligt mij heel erg, ook het met elkaar doen. Natuurlijk zie je wel eens spanningen ontstaan, maar je moet met elkaar verder vanuit het belang van het kind. Je krijgt steeds meer kinderen met een onderwijsbehoefte waar je over na moet denken. We zijn al ver met gesprekken met kinderen, maken kindplannen, we nemen kinderen serieus.
Je moet in mogelijkheden denken maar ook in grenzen, en moet ook aan ouders kunnen aangeven wat je niet kunt.

De Regenboog is volgens de schoolgids een brede zorgschool. We proberen kinderen in het dorp, de nabije omgeving te houden. De grens wordt bereikt als het kind gaat frustreren en niet meer gelukkig is. Veel kinderen gaan op een apart programma en als die fluitend naar school blijven gaan tot groep 8 is dat prima. Als we materiaal of ondersteuning nodig hebben kunnen we die altijd wel vinden. Gelukkig staat het team er dan ook achter, hangt ook van de situatie af, doe het maar eens met een combinatie van 32 kinderen.
We hebben ook wel overleg met de scholen in het dorp, maar we hebben allen gekozen om nog breed te blijven en niet te specialiseren.

Annemieke wil nog wel haar zorgen kwijt over de transitie jeugdzorg, die op 1 januari ingaat. Hoe maken we de verbinding tussen passend onderwijs en de jeugdzorg, daar gaat de gemeente een grote rol in spelen. Elke gemeente heeft een eigen invulling, dus hoe pak je dat regionaal aan. Het is nog veel papierwerk en weinig concreet.

Er is in de samenwerkingsverbanden wel OOGO (Op Overeenstemming Gericht Overleg met de gemeenten) maar dat is nog erg ambtelijk en weinig praktijkgericht. Hoe gaat dat als ik 10 januari een kind heb met een hulpvraag met jeugdzorg, wie kan ik dan inschakelen om het kind en het gezin zo snel mogelijk te helpen?
Dus transitie jeugdzorg is een uitdaging, maar ook wel een punt van zorg.